Cookies

Om de website van Mediq Direct Diabetes goed te laten werken en u de beste online ervaring te bieden, gebruiken we analytische en functionele cookies.

Vandaag voor 17:00 uur besteld. Morgen in huis.

{{Message}}

Penmateriaal bestellen?
Alles wat u nodig heeft voor het injecteren van insuline

Injectiematerialen nodig?

Als u dagelijks insuline spuit, is het belangrijk dat u hiervoor de beschikking heeft over de beste injectiematerialen. In onze webshop vindt u een compleet assortiment kwalitatief hoogwaardige pennaalden en spuiten en naalden.

Insulinepennen bestellen

Wilt u een insulinespuit bestellen? Dit kan helaas niet online. U kunt hiervoor contact opnemen met uw zorgverlener of met onze Klantenservice.  

Starten met insuline

Het voor het eerst zelf toedienen van insuline is een enorme stap. Een naald in eigen lichaam steken, voelt vreemd. Bovendien komen er veel handelingen bij kijken en moet u goed weten wat de werking van insuline is. Schroom dan ook niet om uw vragen te stellen en wie weet leest u hier alvast enkele antwoorden, bijvoorbeeld over waarom u lang- en kortwerkende insuline moet gebruiken.

Veelgestelde vragen over penmateriaal

Iedereen heeft 24 uur per dag een klein beetje insuline nodig. Om hierin te voorzien, spuit u één of twee keer per dag langwerkende insuline. Deze wordt geleidelijk afgegeven aan uw lichaam. Om de glucosepieken na de maaltijd op te vangen, spuit u kortwerkende insuline. Het is ook mogelijk om een combinatie van kort- en langwerkende insuline tegelijk toe te dienen met een zogenaamde mixinsuline.

Insuline moet toegediend worden in het onderhuidse vetweefsel (subcutaan) van de buik, benen of billen. Vanuit de buik wordt insuline sneller opgenomen dan vanuit de zijkant van de benen of billen. Daarom kunt u snelwerkende insuline (de insuline die u toedient bij de maaltijd) het beste in de buik toedienen en langwerkende insuline in de zijkant van de bovenbenen of billen. 

Als u vaak op dezelfde plek insuline toedient, kan er een verdikking onder de huid ontstaan. Er ontstaat dan als het ware littekenweefsel, vaak voelbaar als een kleine bobbel, soms ook zichtbaar. Omdat het onderhuidse weefsel beschadigd is, wordt de insuline niet goed of heel onvoorspelbaar opgenomen. Meestal stijgt de insulinebehoefte hierdoor. Deze onderhuidse verdikkingen worden aangeduid met de volgende namen: spuitplek, spuitinfiltraat, lipodystrofie, lipoatrofie of kort lipo’s. 

Om spuitplekken (verdikkingen op de injectieplek) te voorkomen, krijgt u het advies om iedere keer van spuitplek te wisselen, zowel tussen linker en rechterlichaamshelft, als tussen buik, bovenbenen, flanken en billen. Binnen een spuitplek, bijvoorbeeld linkerzijde buik, kunt u elke injectie met een vingerbreedte verschil van de vorige geven. Daarnaast is het goed om bij elke injectie een nieuw naaldje te gebruiken. 

Het toedienen van koude insuline kan pijnlijk zijn, daarom krijgt u het advies deze op kamertemperatuur te geven. Een aangebroken insulinepatroon of een voorgevulde insulinepen kunt u maximaal vier weken buiten de koelkast bewaren, mits deze ongeveer tussen de 15 en 25 °C blijft. Zolang uw insuline onaangebroken is, kunt u deze in de koelkast bewaren in de originele verpakking (niet tegen het vriesvak).

Mensen die meer dan 40 of 50 eenheden nodig hebben op hetzelfde moment, kunnen de dosis het beste opsplitsen in twee injecties. Grotere hoeveelheden insuline worden namelijk minder goed opgenomen. De absorptie door het lichaam gaat beter als de insuline wordt toegediend in een kleine dosis. Ook werkt het dan efficiënter en beter voorspelbaar. Daarom is het advies doseringen boven de 40 tot 50 eenheden per keer, in twee injecties, direct achter elkaar op verschillende plekken te spuiten. U hoeft tussendoor niet te wisselen van naaldje.

Tips van de expert over het injecteren van insuline

1. Injecteer insuline in een schone, droge huid. Het is niet nodig om uw huid te desinfecteren.

2. Dien insuline bij voorkeur toe op kamertemperatuur omdat het spuiten van koude insuline pijnlijk kan zijn.

3. Beweeg troebele insuline minstens tien keer op en neer totdat deze egaal en wittig is. Heldere insuline hoeft u niet te zwenken.

4. Spuit voor het injecteren 2 eenheden insuline weg met de insulinepen naar boven gericht, zo weet u zeker dat er insuline uit de naald komt.

5. Als u per keer meer dan 50 eenheden insuline spuit, kunt u de dosis beter opsplitsten in twee injecties.

6. Het lijkt handig maar door de kleding heen injecteren wordt afgeraden.

7. Injecteer de insuline langzaam en laat de pennaald bij voorkeur 10 seconden in de huid zitten na het toedienen van insuline.

8. Het is niet nodig om uw huid te masseren na het spuiten van insuline.

9. Wissel bij elke injectie van spuitplek, om verhardingen onder de huid (spuitplekken) te voorkomen.

10. Heeft u onverklaarbare wisselende bloedsuikers? Controleer dan of u spuitplekken heeft.

Ontdek meer tips

  • Elke dag insuline toedienen wordt een routine. Probeer het toch iedere keer met volle aandacht te doen om vergissingen te voorkomen

    Petra Bouhuijzen

    Lees meer tips over injecteren