Op werkdagen voor 17.00 uur besteld, is de volgende dag in huis.

Diactueel 3 2017

- Uitgebreide informatie over aandoeningen aan handen en/of schouder
- Wouter van Munster vertelt waarom hij liever niet afhankelijk wordt van een glucosesensor
- Tips van Connie Hoek hoe u buikvet kunt verminderen

Hendryn vertelt waarom zij door pijnlijke handen haar baan verloor
Hieronder leest u meer over de afzonderlijke aandoeningen aan handen en/of schouder.

Hand- en schouderproblemen bij diabetes
Mensen met diabetes hebben vaker problemen met hun handen en schouders dan mensen zonder diabetes. Hierbij lijkt de ‘versuikering' van het collageen een rol te spelen. Bindweefsel, gewrichten en spieren zijn voor een groot deel opgebouwd uit collageen. Het collageen zorgt voor een stevige structuur maar door de ‘versuikering' wordt het als het ware te stevig. Het gaat dan in verkeerde vormen liggen waardoor de weefsels stijver worden en soms pijn gaan doen. 

Preventie
Een goede diabetesregulatie, oefeningen om de spieren en gewrichten soepel te houden en aandacht voor ontspannen bewegen gedurende de dag, kunnen preventief werken.

Welke klachten komen voor?

- Stijve handen
Door diabetes kan stijfheid van de handen ontstaan als gevolg van de versuikering van het bindweefsel. Dit wordt cheiroarthropathie genoemd. Mensen met diabetes die hier last van hebben kunnen hun vingers minder goed strekken, maar ook minder goed een vuist maken. Als iemand met cheiroarthropathie de vingers wil strekken alsof hij bidt, komen de vingers niet tegen elkaar. Dit wordt ook wel het ‘prayer sign’ genoemd. De behandeling van cheiroarthropathie bestaat vooral uit het doen van oefeningen, indien nodig onder begeleiding van een fysiotherapeut.

- Neuropathie
Door regelmatig en langdurig blootgesteld te worden aan hoge glucosewaarden kunnen de uiteinden van zenuwen beschadigd raken. Dit wordt neuropathie genoemd. In de hand kan dit tintelingen in de vingers en een verminderd of doof gevoel veroorzaken. Als de neuropathie toeneemt kan hierdoor de spierkracht in de handen afnemen of pijn ontstaan. 

- Ziekte van Dupuytren
Bij de ziekte van Dupuytren is er een verharding van bindweefsel in de palm van de hand te voelen. Het gaat hierbij om een bindweefselstreng waardoor de pink, ringvinger of middelvinger krom blijft staan. Meestal doet het geen pijn. Het wordt wel moeilijker om een vuist te maken of kracht te zetten. Mannen hebben er vaker last van dan vrouwen. Het komt ook vaker voor in bepaalde families, er is dus ook sprake van aanleg. Dupuytren komt weinig voor bij mensen met een donkere huidskleur. Naast diabetes en aanleg zijn roken en alcohol risicofactoren. Oefeningen en eventueel een operatie kunnen helpen.

- Trigger finger 
Bij een trigger finger is de buigpees van één van de vingers verdikt. Vaak is deze pees pijnlijk als erop wordt gedrukt en blijft hangen bij een bandje in de handpalm waardoor de vinger krom blijft staan. De verdikking is dikwijls te voelen. Het gaat meestal om de pees van de ringvinger, de duim of de middelvinger. Als de vinger een periode wordt ontzien, kunnen de klachten verbeteren zonder dat er behandeling nodig is. Een enkele keer is een injectie met corticosteroïden, ontstekingsremmende medicijnen, nodig. Als dat ook onvoldoende helpt kan een operatie nodig zijn. Corticosteroïden kunnen wel invloed hebben op de diabetesregulatie.

- Carpaal tunnel syndroom 
De zenuwen van de hand gaan aan de binnenzijde van de pols door een tunnel, samen met de pezen van de handspieren. Als de belangrijkste zenuw bekneld raakt in deze tunnel, wordt dat een carpaal tunnel syndroom genoemd. Dit geeft meestal pijn en een prikkelend of doof gevoel in de hand en de vingers. Het gaat hierbij vooral om de duim, wijsvinger en middelvinger en het gebied van de handpalm. De pijn kan ook uitstralen naar de arm of de schouder. De pijnklachten zijn vaak ‘s nachts erger. Moeilijkheden bij iets vastpakken en verlies van kracht van handspieren zijn gevolgen van een carpaal tunnel syndroom. 
Bij milde klachten is er geen behandeling nodig. Om de pols rust te geven kan gekozen worden voor een spalk om de pols. Een spalk kan ook nuttig zijn voor mensen die eerder klachten hebben gehad en die bij hun werk de handen en pols steeds belasten.
Als de klachten ernstiger zijn kan een injectie met corticosteroïden, medicijnen die een ontstekingsremmende werking hebben, goed helpen. Dat kan ook eventueel herhaald worden. Als dat niet helpt kan een plastisch chirurg of neurochirurg de tunnel groter maken door het peesblad tussen pink en duim te klieven. 

Oefeningen voor problemen met de handen

Door regelmatig oefeningen te doen, blijven de gewrichten soepeler. Hier volgt een oefenprogramma dat speciaal gericht is op spierversterking en beweeglijkheid van de handen en polsen. Iedere oefening doet u in een serie van drie. Neem steeds dertig seconden pauze na iedere serie. Veel succes.

Spierversterkende oefening 1:
Ga aan tafel zitten. Leg uw onderarmen met de palm naar beneden op het tafelblad. Til vervolgens uw handen omhoog, maar laat de onderarmen op tafel liggen. Houd deze positie drie tellen vast en laat uw handen weer zakken.

Mobiliserende oefening 2:
Ga aan een tafel zitten met uw onderarmen en de handpalmen op het blad. Maak kootje voor kootje een vuist. Begin bij de vingertoppen. Houd de vuist drie tellen vast en rol de vingers dan weer uit. Het is belangrijk dat u geen kracht zet bij deze oefening.

Spierversterkende oefening 3:
Ga naast een tafel zitten. Leg uw arm op het tafelblad, terwijl uw hand over de rand hangt. Maak zonder te knijpen een vuist en beweeg de hand omhoog. Houd deze positie drie seconden vast. Na afloop van de serie van drie herhaalt u deze oefening met de andere hand.

Mobiliserende oefening 4:
Ga aan tafel zitten met de handpalmen naar boven op het tafelblad. Duw de top van uw duim één voor één tegen de top van uw andere vingers. Gebruik geen kracht.

Mobiliserende oefening 5:
Ga aan tafel zitten. Steun met de ellenbogen op het tafelblad en duw uw handpalmen tegen elkaar. Schuif de ellenbogen zo ver mogelijk uit elkaar, terwijl u de handpalmen tegen elkaar houdt.

Bronnen: bewegenzonderpijn.com, bloedsuiker.nl.

Met dank aan: 
Strengers & Dubbers Fysiotherapeuten Nijmegen West

Wouter van Munster legt uit waarom hij liever niet afhankelijk wordt van een glucosesensor

‘Negen van de tien keer weet ik hoe hoog of laag ik zit’
Wouter van Munster (48) kreeg diabetes type 1 toen hij een paar maanden oud was. Hij werkt als zelfstandig ondernemer en begeleidt managers en groepen bij leiderschapsvraagstukken. Wat betekent de insulinepomp voor hem en waarom wordt hij liever niet afhankelijk van een glucosesensor?

‘Al op jonge leeftijd besloot ik de techniek voor me te laten werken daar waar mogelijk’, zegt Wouter. ‘Op mijn veertiende kreeg ik het advies drie keer per dag insuline te gaan spuiten maar daar voelde ik niets voor. Een insulinepomp leek me de oplossing, vooral omdat je er flexibiliteit voor terugkrijgt. In de pomp gebruik je alleen ultrakortwerkende insuline en hierdoor zit je niet direct vast aan vaste eet- en slaaptijden. Je kunt veel gerichter sturen. Dit is fijn omdat ik regelmatig sport en voor mijn werk veel reis. Bij sporten of zwemmen kan ik de pomp bijvoorbeeld afkoppelen en als ik weet dat ik een drukke dag heb met veel stress - daarvan gaan mijn glucosewaarden omhoog - zet ik de basaalstand van de pomp wat hoger. Laatst had ik in China een ‘slow diner’, een diner dat uitgesmeerd werd over vier uur. Ik heb mijn maaltijdbolus toen ook uitgesmeerd over vier uur. Dat is mogelijk met de pomp. Ik heb van het diner genoten, zonder constant op mijn glucosewaarden te hoeven letten.’

In control
‘Om gebruik te kunnen maken van de voordelen die een pomp biedt, is het wel belangrijk dat je begrijpt wat diabetes inhoudt’, gaat Wouter verder. ‘Bijvoorbeeld: normaal spuit ik wat extra insuline als ik bijvoorbeeld 8,5 mmol/l meet, maar als ik weet dat ik daarna ga sporten, geef ik geen extra insuline omdat ik door de beweging waarschijnlijk weer ga dalen. Merk ik dat ik tijdens het sporten te veel daal, dan koppel ik de pomp even af. Mijn bloedglucosemeter stuurt mijn glucosewaarden via Bluetooth naar mijn insulinepomp en deze berekent met behulp van de bolus wizard het aantal eenheden insuline dat ik moet geven. Al deze mogelijkheden geven me het gevoel dat ik de baas ben over mijn diabetes, dat ik in control ben.’

Vertrouwen
‘Ik heb al mijn hele leven diabetes en ben erop getraind mijn bloedglucosewaarden te voelen. Mensen die geen diabetes hebben, zijn altijd verbaasd over hoeveel signalen ik van mijn lichaam opvang. Negen van de tien keer weet ik hoe hoog of laag ik zit en of mijn glucosewaarde aan het stijgen of dalen is. Natuurlijk controleer ik dit met mijn bloedglucosemeter maar ik weet dat ik op mijn lichaam kan vertrouwen.’ 

Spanning
In een onrustige periode in zijn leven voelde Wouter zijn glucosewaarden opeens veel minder goed aan. ‘In die tijd waren veel dingen onzeker. Bij mij ging dit gepaard met spanningsklachten waardoor ook de signalen van mijn lichaam veranderden. Een vermeende hypo bleek opeens hyperventilatie te zijn. In die periode heb ik tijdelijk een glucosesensor gebruikt. Dit hielp bij het bepalen of gevoelens nu werden veroorzaakt door een dreigende hypo of door spanning. Toch vond ik het vervelend dat ik niet meer op mijn lichaam kon vertrouwen. Een sensor is fijn maar geeft ook veel onrust door de veelheid aan informatie die je krijgt. En uiteindelijk moet je nog steeds zelf je glucosewaarden in de gaten houden en berekenen of je wel of niet insuline gaat toedienen. Gelukkig kreeg ik toen ik in rustiger vaarwater zat, mijn gevoel voor hypo’s en hypers weer terug. Totdat er een apparaat is dat zowel mijn glucose meet en daarop de insulinetoediening afstemt, geef ik er de voorkeur aan op mijn eigen gevoel te vertrouwen in combinatie met een glucosemeter.’

TIPS van diëtist Connie Hoek voor minder buikvet en meer energie (door anders te eten)

1. Puur en onbewerkt gaat boven alles
U hoeft niet alles in een keer te veranderen. Liever niet zelfs! Neem kleine stapjes tegelijk, zodat u het vol kunt houden. 
De kwaliteit van de koolhydraten staat voorop. Door goede koolhydraten te eten, gaat u vanzelf minder eten, zonder dat u dat zo voelt. De andere voeding bevat minder koolhydraten, maar het hoeft niet om rigoureuze beperkingen te gaan. 

2. Een goed begin: neem geen zoete dranken. 
- Drink uw koffie of thee zonder suiker (en ook zonder honing, agavesiroop of kokosbloesemsuiker).
- Neem geen frisdranken die gezoet zijn met suiker. 
- Drink geen vruchtensap maar eet een vrucht. Twee porties fruit per dag is prima. 
- Water is super, dit mag ook gewoon uit de kraan komen! 

3. Bij ‘bewerkt’ gaat het niet alleen om wat er in de fabriek gebeurt. Ook sinaasappelsap dat u zelf uitperst is ‘bewerkt’. U hebt wel drie sinaasappels nodig voor één glas sap. Dit betekent veel koolhydraten en weinig vezels (die juist zo gunstig zijn). Eet fruit in plaats van het te drinken!

4. Het gaat niet zozeer om minder eten, maar om anders eten, u wilt vooral niet futloos raken. U kunt juist ook meer eten van goede voedingsmiddelen. Meer groenten, peulvruchten (zoals bonen), vers fruit, yoghurt en noten.

5. U hoeft het niet alleen te doen! Kijk welke diëtisten in uw buurt u kunnen helpen of welke groepen voor u geschikt zijn. Er zijn steeds meer zorggroepen die (groeps)programma’s aanbieden. 

6. Eet voldoende tijdens de hoofdmaaltijden. Als u producten eet die goed verzadigen (vezelrijke producten, producten die de goede soort vet bevatten zoals noten, olijfolie en vette vis) dan hebt u geen tussendoortjes nodig. 

7. U bent uniek. Het plan waarmee uw broer of buurman zo’n goed resultaat had, past misschien helemaal niet bij u. Kies in overleg met uw diabetesbehandelaar of  diëtist voor een persoonlijk plan dat bij u past.

8. Groenten spelen een hoofdrol in het anders eten. Bij de warme maaltijd, maar ook op de boterham of tussendoor. Rauw, gekookt, gewokt, gestoomd. Lekker met een scheutje olijfolie of een klontje boter. Tip: kies groenten van het seizoen. Deze hebben de beste smaak en zijn niet duur. Ook diepvriesgroente (zonder toevoegingen) zijn prima.


Klik hier om terug te gaan naar de bladereditie van Diactueel 3 2017.


Cookies

Om de website van Mediq Direct Diabetes goed te laten werken en u de beste online ervaring te bieden, gebruiken we analytische en functionele cookies.